Enige tijd geleden ontwaarde ik wat strubbelingen omtrent de kerkgang. Knagende twijfel was het probleem. Klopt de Bijbel wel? En zo niet, verdoen we op de zondagmorgen dan geen kostbare tijd?

Het probleem was eigenlijk niet zo heel ingewikkeld. In de Bijbel staat vrij duidelijk hoe God de wereld geschapen heeft: door Zijn Woord, in zes dagen, met de mens op de zesde dag. Een kind kan het begrijpen. Op de kleuterschool hadden we er zelfs een poster van gemaakt, die nog jaren boven mijn bedje heeft gehangen. Wat ik later in boeken, kranten en tijdschriften las en op televisie zag, was echter een heel ander verhaal: de wereld is miljarden jaren geleden toevallig ontstaan, het leven begon spontaan en de mens kwam voort uit aapachtige wezens.

Het was het een of het ander. En het leek erop dat het evolutie ging worden. Dat was immers een feit, ondersteund door zeeën van bewijs, zo werd mij duidelijk gemaakt. Wat in de Bijbel staat over de schepping klopt dus niet. En als we het begin al meteen niet kunnen vertrouwen, waarom de rest dan wel? Want het is dan maar zeer de vraag of de God die erin beschreven staat wel echt bestaat, nietwaar?

De situatie dwong me tot onderzoek. In bepaalde literatuur stond opmerkelijk genoeg dat het mogelijk was de in de Bijbel beschreven schepping te rijmen met het idee dat de microbe – via een lange en toevallige weg – de microbioloog heeft voortgebracht. Heeft de kerk dan een eeuw of achttien de Bijbel verkeerd gelezen? En, haast erger nog: ben ik dan jarenlang voorgelogen?

Gelukkig ontdekte ik meer literatuur, en die boeken vertelden mij een veel duidelijker verhaal: wat we waarnemen strookt wel degelijk met de schepping en de zondvloed uit Genesis. Organismen veranderen, maar zijn grenzen. Ze zijn geschapen ‘naar hun aard’. De enorme lagen sediment, vol fossielen, duiden op een wereldwijde catastrofe. Zoals Johan Cruijff eens zei: „Je gaat het pas zien als je het doorhebt.”

En die zeeën van bewijs voor evolutie dan? In zijn boek The Greatest Show on Earth brengt de bekende atheïst en zoöloog Richard Dawkins zijn beste pleidooi voor evolutie te berde. Een gelijkgestemde bioloog, Jerry Coyne, komt in Why Evolution is True eveneens met de sterkste bewijzen op de proppen. Opvallend genoeg komen beide heren, ondanks die immense ‘overvloed van bewijs’, met hetzelfde handjevol argumenten aanzetten. Zo lezen we over Tiktaalik, de ‘omweg’ van de strottenhoofdzenuw, zelfs die verdraaide berkenspanner komt weer voorbij! En in de Princeton Guide to Evolution is het niet veel anders. Het zijn stuk voor stuk argumenten die allemaal al lang en breed besproken en in veel gevallen weerlegd zijn! Hoe anders is het met de Bijbel. Wat ik als kleuter las klopt dus toch! Misschien dan ook die poster maar weer terughangen boven mijn bed?

Dit artikel is met toestemming overgenomen uit Weet Magazine. De volledige bronvermelding luidt: Ree, N. van, 2018, Een kind kan het begrijpen, Weet 49: 33.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by en

Enige tijd geleden ontwaarde ik wat strubbelingen omtrent de kerkgang. Knagende twijfel was het probleem. Klopt de Bijbel wel? En zo niet, verdoen we op de zondagmorgen dan geen kostbare tijd?

Het probleem was eigenlijk niet zo heel ingewikkeld. In de Bijbel staat vrij duidelijk hoe God de wereld geschapen heeft: door Zijn Woord,

...
Read more