De overeenkomst tussen gas- en zoutwinning is dat bodemdaling vooraf te rooskleurig geschetst is. Zoutvloei is bij de zoutwinning in Friesland niet aanwezig. Zoutvloei in het verleden vond plaats tijdens de zondvloed.

De onverwachte bodemdaling na zoutwinning in Friesland onderstreept dat gesteenten zich anders gedragen dan geologen inschatten. Mijn analyse (RD 21-1) heeft gelukkig geleid tot Kamervragen door Henk Nijboer (PvdA).1

Geologen Blom, Hardebol en van Herk blijven evenwel verdedigen dat droog en vast zoutgesteente kan stromen als een vloeistof (RD 11-2). Zij verwijzen daarbij onder andere naar de zoutwinning in Friesland bij Barradeel. In een caverne diep onder de grond lost zout op dat als pekelwater wordt opgepompt. Het zoutgesteente wordt door het water verzwakt en door de onttrekking van het zout uit de caverne daalt de bodem. De blauwe pijlen (zie afbeelding) schetsen de ondergrondse verplaatsingen die leiden tot de dalingskom aan het maaiveld. In de zone tussen de stippellijnen vindt bodemdaling plaats. Het is de zwaartekracht die de bodem omlaag trekt. Het volume van de dalingskom aan het maaiveld is gelijk aan het volume dat aan de caverne is onttrokken. De lokale vervorming van het zout is het gevolg van zoutkruip, niet van zoutvloei. Kruip is een langzaam toegeven aan een grote kracht, waarbij het zoutgesteente niet bezwijkt en zijn (door water verzwakte) sterkte behoudt.

Geologen daarentegen geloven dat steenzout zijdelings als een vloeistof toevloeit en zo bodemdaling voorkomt. Het droge en vaste zoutgesteente moet dan zijwaarts naar de caverne vloeien. De weerstand tegen die beweging is groot en er is geen zijwaartse kracht aanwezig om die verplaatsing te forceren. De rode pijlen (afbeelding) geven hun onjuiste denkbeeld weer.

Zondvloedmodder

De reden om het dogma van vloeibaar zoutgesteente te verdedigen, is de overduidelijk zichtbare mobiliteit die het zout in het verleden heeft gekend. De ondergrond van de Golf van Mexico bijvoorbeeld laat daar geen twijfel over bestaan. Het zout heeft de mobiliteit gekend van een vloeistof. In 2009 en 2015 heb ik in vakliteratuur onderbouwd dat zout een vulkanisch gesteente is. Gesmolten zoutmagma heeft omhoog en opzij honderden kilometers gestroomd. De sedimentaire gesteenten rondom hebben meebewogen en ruimte voor verplaatsing gegund. Sedimentair gesteente is versteende modder. Alleen in de modderige fase kan het meebewegen en ruimte geven aan zoutmagma. Het zout is gestold in kilometersdikke lagen zondvloedmodder. Samen met Van Heugten heb ik in 2018 hierover in de vakliteratuur gepubliceerd. Het zout getuigt zo van de zondvloed.

Geologen verwerpen de zondvloed ten gunste van hun eigen niet bewezen theorie dat vast steenzout vloeit als een vloeistof. In een langzame, gestage beweging gedurende miljoenen jaren moet het volgens hen hebben plaatsgevonden. Hiermee ondermijnen ze de autoriteit van Gods Woord, dat met gezag spreekt over recente schepping en zondvloed. Het getuigenis van de kerk wordt zo ondergraven. De immateriële schade die daarmee aan de samenleving wordt toegebracht, is oneindig ernstiger.

Op advies van geologen worden de cavernes in Friesland gevuld met pekelwater achtergelaten na de stop van de zoutwinning. Door deze watervolumes in te sluiten is de bodemdaling gestopt en beperkt. Maar op een onverwacht moment zal dit pekelwater alsnog zijn weg vinden naar boven. De dan volgende bodemdaling en verzilting van het grondwater zullen als een schok komen voor de nietsvermoedende bevolking die dan leeft. Het is beter het advies van geologen niet op te volgen. Win nu het pekelwater uit de caverne, voor het naar het oppervlaktewater verdreven wordt.

Al met al ondermijnen deze geologische denkbeelden de fundamenten van de samenleving, of het nu gaat om gas- en zoutwinning of theologie en zingeving.

Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen van het Reformatorisch Dagblad. De volledige bronvermelding luidt Heerema, S.J., 2021, Zoutvloei kwam alleen in het verleden voor, Reformatorisch Dagblad 50 (269): 24-25 (artikel).

Voetnoten

  1. Zie mijn artikel: https://old.logos.nl/friese-bodem-veert-niet-meer-op-na-ondergrondse-zoutwinning/.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

Stef Heerema doet sinds 2006 structureel onderzoek naar het ontstaan van zoutformaties en ijstijd verschijnselen. Zijn eerste wetenschappelijke publicatie dateert van 2009. Hij is lid van de Nederlandse Geologische Vereniging en van het Koninklijk Nederlands Geologisch Mijnbouwkundig Genootschap. Stef Heerema heeft nieuwe ontdekkingen gedaan over het ontstaan van de zoutlagen onder Noord-Nederland en ontdekte hoe de Bijbelse zondvloed hierdoor wordt bevestigd.

2 Comments

Comments are closed.